'Ik ga in mijn eerste honderd dagen vooral luisteren'
Jeroen Kampkes is per 1 september 2024 lid van de raad van bestuur van Mondriaan. Jeroen is afkomstig van GGzE in Eindhoven, waar hij de laatste vijf jaar onder meer verantwoordelijk was voor de forensische zorg binnen De Woenselse Poort. Wij gingen met hem in gesprek over Mondriaan, zijn nieuwe functie en de grootste uitdaging binnen de ggz. “Ik vind het motto ‘Wij zijn Mondriaan’ ontzettend krachtig.”
Wat zijn je belangrijkste doelen in je nieuwe functie?
“Ik wil voorkomen dat ik in de valkuil trap waarbij ik ga proberen impact te hebben in mijn eerste maanden bij Mondriaan, terwijl ik de organisatie nog niet goed ken. Daarom is luisteren het belangrijkste doel in mijn eerste honderd dagen. Ik ben heel benieuwd naar de verhalen van mijn collega’s. Wat doen we goed en wat zou anders kunnen? Ik wil werkbezoeken brengen aan alle locaties van Mondriaan.”
Hoe zie jij de rol van Mondriaan binnen de ggz?
“Als grote geïntegreerde ggz-instelling in Zuid-Limburg is het onze plicht om voor de kwetsbare cliënt met meervoudige complexe problematiek te zorgen. Dat is onze core business. Wij zijn er voor de inwoners van Zuid-Limburg.
Er zijn steeds meer mensen die tussen wal en schip vallen. Door schulden, psychische problematiek of andere oorzaken. Het is onmogelijk voor ons om deze mensen weer gelukkig te maken, om hun leven echt te verbeteren. Die last kunnen wij niet voor hen wegnemen. Maar we kunnen hen wel helpen, zodat ze veerkrachtiger worden en die last kunnen dragen. Daarin speelt Mondriaan een belangrijke rol in deze regio.”
"Ik vind dat we elkaar vaker vragen mogen stellen in plaats van meteen onze mening te geven."
Welke rol zie jij daarin voor jezelf als bestuurder?
“Ik denk dat wij als raad van bestuur een verbindende rol hebben, zowel binnen als buiten de organisatie. We zijn een grote organisatie en die is op een bepaalde manier ingedeeld. Elke manier van organiseren zorgt voor schotten, hoe de organisatie ook is gevormd. Als raad van bestuur is het onze rol om collega’s de ruimte te geven om over die schotten heen te stappen wanneer dat nodig is. Die verbindende rol hebben we ook op het gebied van samenwerkingen met partners in de regio. Ook daar moeten wij het pad vrijmaken, zodat collega's de ruimte krijgen om op dat pad verbindingen aan te gaan.”
Wat is volgens jou op dit moment de grootste uitdaging binnen de ggz?
“Dat blijft toch het vinden van nieuwe collega's. Maar daar ga ik niet over klagen, want dat heeft geen zin. Alle sectoren kampen met personeelstekorten. Ik vind het motto ‘Wij zijn Mondriaan’ ontzettend krachtig in het kader van het werven van nieuwe collega’s. Want daar gaat het om. Samen zijn wij Mondriaan en proberen we op een prettige manier zo goed mogelijk ons werk te doen. We mogen trots zijn op de gemeenschap die we samen vormen en het goede werk dat we verrichten. En als we dat naar buiten toe uitdragen, zien anderen ook wat een fijne organisatie we zijn om voor te werken.”
Welke waarden vind jij belangrijk in je werk?
“Ik vind gelijkwaardigheid heel belangrijk. Collega’s, cliënten, we zijn allemaal gelijkwaardige mensen. Ik ben niet gevoelig voor hiërarchie. Alle collega’s moeten mij rechtstreeks kunnen aanspreken als ik iets doe wat hen niet bevalt. Dat hoeft niet via de lijn. Ik ben gewoon een collega, ik heb alleen een andere rol.
Daarnaast vind ik medemenselijkheid belangrijk. We mogen geraakt zijn door verhalen van cliënten en collega’s, we zijn geen machines. Wat wij doen is ambachtelijk mensenwerk, waarbij wel eens iets fout kan gaan. Dan moeten we elkaar niet direct de maat nemen.
Verder is verwondering een belangrijke waarde. Die past ook bij mijn voornemen om de eerste honderd dagen vooral te luisteren binnen Mondriaan. Maar ook daarna zal ik verwonderd blijven. Ik vind dat we elkaar vaker vragen mogen stellen in plaats van meteen onze mening te geven. We mogen soms wat liever zijn voor elkaar.”