“Het allermooiste zou zijn dat het normaal wordt om erover te praten”
Ruud en Dennis over suïcidaliteit, herstel en de kracht van nabijheid
Bij Bureau Herstel komen ervaringskennis en jarenlange zorgervaring samen. Dennis Thomassen (46) is sinds kort in dienst bij Mondriaan als ervaringsdeskundige, na een stage van twee jaar. Ruud Meers (60) is leidinggevende bij Bureau Herstel en werkt al ruim 35 jaar bij Mondriaan. Tijdens de Week van de Suïcidepreventie delen zij hun persoonlijke verhaal. Dennis vertelt over zijn eigen ervaring met verslaving, suïcidaliteit en herstel. Ruud over het verlies van meerdere dierbaren. Hun ervaringen verschillen, maar hun boodschap raakt aan hetzelfde: blijf dichtbij, luister zonder oordeel en maak ruimte voor het gesprek.
Een verlies dat blijft doorwerken
Als verpleegkundige en leidinggevende zag Ruud in de loop van zijn carrière bijna het hele spectrum van de volwassenenzorg: van gesloten opname en High Intensive Care (HIC) tot open afdelingen, beschermd wonen en nu Bureau Herstel. Toch lag zijn eerste ontmoeting met suïcide niet in het werk, maar thuis.
Ruud was twaalf toen zijn tante en oom in één week tijd overleden door suïcide. Hun jongste zoon kwam daarna bij Ruud thuis wonen. Ineens was er iemand bij in het gezin. Geen broer in naam, maar voor Ruud voelde het wel zo. Later ging ieder meer zijn eigen weg. Het contact werd wat minder, zoals dat soms gaat in het leven. Juist daarom kwam het hard binnen toen Ruud hem jaren later, in de coronatijd, ook verloor aan suïcide.
Dat verlies bleef bij Ruud hangen. Niet alleen vanwege het verdriet, maar ook door de vragen die daarna kwamen. Had hij vaker moeten binnenlopen? Had iemand kunnen merken hoe klein de wereld van zijn neef was geworden? Ruud is daar voorzichtig in. Hij zegt niet dat alles te voorkomen is, of dat je achteraf precies kunt weten wat er had moeten gebeuren. Maar het heeft hem wel scherper gemaakt. In zijn werk kijkt hij niet alleen naar wat iemand zelf vertelt, maar ook naar de zorgen van mensen eromheen. Want soms zegt een cliënt dat er niets aan de hand is, terwijl de omgeving voelt dat het niet goed gaat. “Als iedereen zich zorgen maakt en de cliënt zegt: er is niets aan de hand, dan moet je je juist zorgen gaan maken.”
De weg naar herstel
Het verhaal van Dennis begint in zijn puberteit. Hij voelde zich onveilig en wist niet goed hoe hij met moeilijke emoties moest omgaan. Alcohol werd een manier om daaraan te ontsnappen. Dennis weet hoe het voelt als wanhoop de overhand krijgt en gedachten als het wordt nooit beter, dit gaat mij niet lukken en voor mij hoeft het allemaal niet meer steeds sterker worden. Lange tijd kon hij zich nauwelijks voorstellen dat zijn leven ook anders zou kunnen zijn.
De weg uit die wanhoop bestond niet uit één grote ommekeer, maar uit kleine stappen. In therapie ontmoette Dennis mensen die vertrouwen in hem uitspraken. Ze geloofden in hem, maar ook in wat de behandeling kon doen. Langzaam leerde Dennis manieren om moeilijke momenten door te komen. Dingen die bijna te simpel klinken: praten als het niet goed gaat, ademhalingsoefeningen, afkoelen, naar buiten gaan, steun zoeken. Niet als snelle oplossing, maar als nieuwe gewoonte naast professionele hulp. Wat eerst minder krachtig leek dan verdoving, bleek uiteindelijk wél iets terug te geven: ruimte, rust en langzaam ook perspectief.
Die ervaring is een belangrijke reden waarom Dennis nu bij Mondriaan werkt. De plek waar hij zelf stappen zette in zijn herstel, is nu de plek waar hij anderen mag ondersteunen. Zijn ervaringskennis is daarbij geen los onderdeel van zijn werk, maar juist de basis ervan. Hij weet hoe uitzichtloos het kan voelen, maar ook hoeveel verschil het maakt als iemand naast je blijft staan en vertrouwen blijft houden.
“Ik heb deze kennis niet zomaar gekregen: daar heb ik hard voor gewerkt. Maar nu ik de kennis heb, wil ik die ook doorgeven”, zegt Dennis. “Werken met anderen maakt dat ik me goed voel, dus dat is ook onderdeel van mijn eigen herstel.”
Hulp voor de hulpverlener
Die nabijheid wil Dennis aan cliënten bieden, maar hij weet ook hoe belangrijk nabijheid voor hulpverleners zelf is. Want wie naast een cliënt staat, kan zelf ook geraakt worden. Dennis merkte dat toen een van zijn cliënten overleed door zelfdoding. Hij voelde geen schuld, maar wel verdriet en pijn. Hij zocht steun bij mensen uit zijn netwerk en bij collega’s. “Er stonden meteen meerdere mensen om me heen. Daar ben ik echt heel dankbaar voor”, zegt Dennis.
Dennis noemt dat: hulp voor de hulpverlener. Ruud herkent het gevoel meteen. Vroeger ging hij na heftige gebeurtenissen vooral door: het was gebeurd, en dan kwam het volgende. Later leerde hij dat je verdriet niet hoeft weg te drukken. “Als je verdrietig bent, laat het toe. Wees gewoon verdrietig en spreek het uit. Dat mag.”
Zorgen voor cliënten betekent daarom ook: zorgen voor elkaar. Het helpt als collega’s zien wanneer iets binnenkomt, als er ruimte is om te zeggen ‘dit raakt me’, en als niemand het gevoel heeft dit werk alleen te moeten dragen.
Het gesprek voeren
Hulp hoeft volgens Dennis en Ruud niet altijd groot te zijn. Een wandeling. Een plan voor morgen. Iemand bellen. Samen zijn. Of gewoon vragen hoe het werkelijk gaat. Zulke kleine dingen lossen niet alles op, maar kunnen wel opnieuw perspectief geven.
Ook in het gesprek met een cliënt is eenvoud belangrijk. Niet te snel aan het woord willen zijn. Niet wijzen op alles wat iemand toch heeft. Niet meteen met oplossingen komen. Eerst luisteren. Sensitief reageren. Doorvragen. En bij twijfel een collega of andere deskundige betrekken. “Je hoeft vaak niet zoveel”, zegt Dennis. “Er zijn vooral dingen die je niet moet doen.”
Neem iemand in ieder geval altijd serieus en bied een luisterend oor. Want ook wanneer iemand iets zegt wat ongemakkelijk, spannend of moeilijk te plaatsen is, wordt het niet voor niets uitgesproken.
Dennis' grootste wens voor de Week van de Suïcidepreventie is eenvoudig en tegelijkertijd ambitieus: dat het normaal wordt om erover te praten. Ruud sluit zich daar volledig bij aan. Niet omdat ieder gesprek een crisis kan voorkomen, maar omdat niemand alleen zou moeten blijven met wanhoop, verlies of zorgen om een ander.
Hulp nodig?
Denk je zelf aan zelfdoding of maak je je zorgen om iemand anders? Bij direct levensgevaar: bel 112. Is er geen direct levensgevaar, maar wil je nu met iemand praten? Bel 113 of chat via 113.nl.