Onderzoek bij Psychose en Schizofrenie

Vaak komt het eerste contact tussen onze hulpverlener en iemand met (het vermoeden van ) een psychose tot stand op het moment dat de situatie tot een crisis is gekomen.

Over het algemeen wordt bij een crisis kort en snel onderzoek verricht, een voorlopige diagnose gesteld en onze hulpverlening direct gestart. Op het moment dat de toestand wat tot rust is gekomen, vindt een meer uitgebreid onderzoek plaats dat kan bestaan uit onderstaande onderzoeken. Hierna volgt toewijzing naar verdere behandeling.

Psychiatrisch onderzoek
In een psychiatrisch onderzoek wordt gekeken naar de aan- of afwezigheid van psychotische symptomen zoals het horen van stemmen, hallucinaties en wanen. Ook wordt nagegaan wanneer de symptomen zijn begonnen, hoe deze zich hebben ontwikkeld en wat de invloed ervan is op het dagelijks leven.

Lichamelijk onderzoek
Om een beeld te krijgen van uw lichamelijke toestand kan informatie ingewonnen worden bij uw huisarts. Daarnaast kan gekozen worden voor een (aanvullend) lichamelijk onderzoek met bijvoorbeeld laboratoriumonderzoek en screening op middelen.  Doel hiervan is lichamelijke aandoeningen en afwijkingen in het bloed uit te sluiten.

Neuropsychologisch onderzoek
Dit onderzoek bestudeert uw intelligentie, waarneming, informatie-verwerking, aandacht, geheugen en uitvoerend vermogen. Op deze wijze kunnen belangrijke cognitieve problemen en aanwezige capaciteiten worden vastgesteld.

Routine Outcome Monitoring (ROM)
De ROM is een vragenlijst waarmee onder meer psychiatrische symptomen, niveau van functioneren en zorgbehoeften worden gemeten. De vragenlijst wordt minstens eenmaal per jaar afgenomen, zodat we zorgvraag en zorgaanbod zo goed mogelijk op elkaar kunnen afstemmen.

Overig onderzoek
Naast bovengenoemde kan ook aandacht geschonken worden aan:

  1. de biografie: het levensverhaal, waarin belangrijke, stressvolle of traumatische gebeurtenissen een rol hebben kunnen spelen bij het ontstaan of voortduren van de huidige problemen
  2. het sociale netwerk: mensen uit de eigen omgeving of familie/kennissen die belangrijk kunnen zijn als steun bij het herstelproces
  3. de sociale rolvervulling: de rol die mensen wel of niet meer innemen zoals partner, vriend/vriendin, ouder, e.d.
  4. arbeidsanamnese: onderzoek naar uw ervaringen met werk, vrijwilligerswerk, opleiding en scholing
  5. nadere analyse van uw symptomen, zoals het stemmeninterview
  6. het bijhouden (monitoring) van ervaringen en symptomen in relatie met omgevingsfactoren en alledaagse gebeurtenissen, ook wel Experience Sampling genoemd.