Persoonlijk verhaal

Huub

Meer dan eens denkt hij dat de wereld vergaat. Na diverse opnamen in een psychiatrische kliniek blijkt dat hij lijdt aan manische depressiviteit. Sinds Huub op zijn 24e voor het eerst psychotisch wordt, verliest hij geregeld het contact met de werkelijkheid.

Huub“Helaas heb ik een jeugd gehad zonder liefde, begrip en genegenheid. Op school werd ik gepest, thuis mishandeld.” Zijn eerste psychotische ervaring kan hij zich nog goed herinneren. “Ik zat in de keuken toen ineens het dak openging en ik in een soort kegel omhoog werd gevoerd. Na een poosje kwam ik weer naar beneden en was de psychose –pats!– ineens voorbij. In de periode daarna gebeurde er een paar keer iets vergelijkbaars.”


Contact met de werkelijkheid kwijt

Uiteindelijk belandt hij via de huisarts in een psychiatrisch ziekenhuis in Maastricht. “Ik was op dat moment in een psychotische toestand. Om een vergelijking te maken: Als je in normale omstandigheden als het ware een spanning van 100 volt hebt, had ik op dat moment 220. Het contact met de werkelijkheid was ik helemaal kwijt.”

Tijdens de opname bevalt zijn vrouw van hun zoon. “Afgezien van m’n trouwdag was dat de mooiste dag van m’n leven. Maar ik voelde me ook verdrietig. Mijn vrouw was zonder mij bevallen en ik moest na een bezoekje terug naar Vijverdal.” 

Superactief

Geregeld wordt hij opgenomen. Zijn langste verblijf in een psychiatrische kliniek duurt veertien maanden. Na jaren onderzoeken krijgt hij te horen dat hij manisch depressief is. “Eindelijk had mijn ziekte een naam. Ik heb daarna lang geworsteld met de acceptatie ervan.”

Hij heeft niet altijd last van zijn aandoening, maar geregeld steken de depressieve en manische perioden de kop op. “Tijdens een depressie lag ik heel vaak op bed. Ik functioneerde voor 20 procent en was mijn zelfvertrouwen helemaal kwijt. Bij een manie gebeurde het omgekeerde. Dan presteerde ik 110, 150 of zelfs 200 procent.”

Hij voelt zich het best tijdens de eerste fase van een manie, als hij net uit een depressie komt. “Ik zit dan iets boven de 100 procent en voel me heel prettig. In zo’n periode ben ik actief en kan ik veel aan. Als de manie zich verder ontwikkelt, loop ik het risico dat ik onverantwoorde dingen doe, bijvoorbeeld een auto kopen terwijl ik er geen geld voor heb. Als ik heel erg manisch ben, kan dat doorschieten in een psychose.” 

Medicijntrouw

Dankzij goede medicatie neemt het aantal depressieve en manische periodes in de loop der jaren af en belandt hij minder vaak in een psychiatrisch ziekenhuis. Ook duren de opnamen korter. “Medicijntrouw is heel belangrijk. Als ik toch ontregeld raak, signaleert mijn vrouw dat eerder dan ik. Ik vind het moeilijk om dan toe te geven dat het minder goed gaat, maar accepteer wat zij zegt, zodat mijn medicatie kan worden aangepast.” Zijn laatste opname ligt ruim drieënhalf jaar achter hem. "Ik heb nu een leefbaar leven".  

Voorlichting

Hij doet sinds hij in de WAO zit vrijwilligerswerk, onder andere bij de Vereniging Manisch Depressieven en Betrokkenen (VMDB). “Binnen de VMDB kan ik me helemaal ontplooien. Ik doe waar ik goed in ben: voorlichting geven, onder anderen aan studenten en artsen in opleiding. Ik wil het taboe op de ziekte doorbreken. Ook zit ik een dag per week aan de hulplijn om mensen een luisterend oor te bieden. Op die manier beteken ik iets voor anderen. Dat is heel waardevol.”

telefonische hulplijn VMDB
T 0900 5 123 456