Persoonlijk verhaal

Jack Vinders

Zanger, columnist en cabaretier Jack Vinders: “In deze maatschappij telt, snel, jong, en carrière maken. Ziek zijn past daar niet bij.”

Jack Vinders

Heeft uzelf ervaring met de psychiatrie?

“Mijn moeder is vaak behandeld in wat toen Welterhof heette en is er ook een paar keer opgenomen. Ik ben daar vaak geweest. Ze werd liefdevol opgevangen, op het Welterhöfke, wel acht weken lang. Zolang ze nog slecht sliep en veel droomde kon ze volgens de artsen niet naar huis. Dat vond mijn moeder prima, ze liet zich met alle plezier pamperen. Dat waren de jaren 80 en 90 van de vorige eeuw. Alhoewel mensen toen ook niet te koop liepen met wat hun psychisch mankeerde, werd er in die tijd minder moeilijk over gedaan dan nu. In de huidige maatschappij ben je alles zelf schuld. Alleen je eigen handelen bepaalt je toekomst en wanneer die toekomst niet best is, dan ligt dat aan jezelf. Wie een vlekje heeft, hoort er niet bij en wordt afgeserveerd als zwakkeling.”

Dat klinkt wel heel pessimistisch.

“Ik zit in de gemeenteraad van Kerkade en hoor verhalen waar ik heel boos van word. Zo kreeg ik laatst een brief van een dame wiens man een schizofrene stoornis heeft. Als ik juist geïnformeerd ben, kun je die stoornis een beetje hebben, maar ook heel erg. De man woont onder begeleiding zelfstandig en is op de goede weg. Hij werkt niet maar ontvangt een uitkering en daarom wordt hij nu gesommeerd te solliciteren. Dat kan hij nu helemaal niet; misschien wel nooit. Er wordt onder invloed van het huidige regeringsbeleid niet altijd naar de individuele situatie gekeken, maar een stramien gehanteerd dat niet op iedere persoon past. In Kerkrade willen we maatwerk blijven leveren, daarom heb ik die brief doorgespeeld naar de wethouder Sociale Zaken zodat hij kan ingrijpen.”

Dan gaat het om instanties, maar mensen onderling zijn toch wel solidair?

“Wij mensen zijn ook hard. Mijn moeder had straatvrees; het kostte haar veel moeite ergens naartoe te gaan. Was ze verlamd geweest, dan was ze liefdevol in de rolstoel door de stad geduwd. Maar haar aandoening was niet zichtbaar en moeilijk invoelbaar. Maar weinig mensen hadden het geduld voor een processie van Echternach: twee stappen vooruit, één naar achteren. We zijn ongeduldig met elkaar. In deze maatschappij telt, snel, jong, carrière maken. Ziek zijn past daar niet bij. Ik heb in het speciaal onderwijs gewerkt. Daar zag ik dat er steeds minder middelen werden geïnvesteerd. Die kinderen worden door Den Haag bij de kanslozen ingedeeld; daar geld instoppen levert op termijn toch niets op, zo was de gedachte.”

Wat heeft het hebben van een zieke moeder met u gedaan?

“Ik lijk best veel op haar, maar schuif mijn angsten aan de kant of gebruik ze op de bühne. Over de panische angst van mijn moeder voor onweer heb ik een sketch gemaakt, want met terugwerkende kracht was het best grappig. Bij onweer ging ze op de wc of in de auto zitten, want dat waren volgens haar de veilige plekken en een mes op tafel kon in haar ogen een blikseminslag uitlokken. Dus toen ik een keer groen van de honger van het voetballen thuis kwam, kreeg ik niets te eten want de tafel kon niet gedekt worden: het onweerde! Kijk, met dat soort verhalen heb je iets aan je handicap.”

Ziet u ook lichtpuntjes?

“Zeker, die zijn er ook hoor. In Kerkrade lopen twee zwervers rond. Als ik ze op de markt zie, valt me op dat veel mensen met hen begaan zijn; ze maken een praatje, stoppen ze wat eten toe. Dat is een bemoedigend beeld. Ik ben optimistisch.”